Op 22 juni is het zover. Beautiful Monster, onze avondvullende productie, gaat in première. Ons vaste ensemble staat alvast te popelen om deze voorstelling op jullie los te laten. Artistiek leider en regisseur Hein Mortier vertelt over het traject.

Kan je het traject van de voorstelling even schetsen?Hein: De voorstelling staat in de traditie van De Figuranten en radicaal teksttheater; daarmee bedoel ik een tekst die je erg stevig bewerkt en steeds vervormt. In die stijl hebben we al Hamlet bewerkt, De Kersentuin, en het werk van Heiner Muller. Daardoor kwam ik erop om met Faust te werken. Die andere voorstellingen begonnen thematisch rond moderniteit te draaien, en Faust is een tekst die zich afspeelt aan het eind van de Franse Revolutie, en dus de overgang daarnaartoe vertegenwoordigt. Voor ons was het een verderzetting van die thematiek; de worstelende, absurde mens die de oude wereld verlaat. Van daar zijn we begonnen met brokstukken uit de originele tekst. In het kader van mijn eigen Masteropleiding in Maastricht (Hein volgt de opleiding Master in Theatre, nvdr.) hebben we dan twee weken daarrond geïmproviseerd met een klein groepje spelers. Zo hebben we de basis gelegd van wat de voorstelling inmiddels is geworden. Er blijft wel nog maar één tekstfragment van toen over.

“Dit is een tekst voor twee personages,gespeeld door tien acteurs”

Hein: Heel snel daarna kwam corona, en dat heeft er even ingehakt. We zijn toen de werking beginnen opsplitsen, maar het bood ook kansen. Vanuit de brokstukken ben ik gaan verder schrijven op basis van die improvisaties. Mijn coach uit de opleiding, Paul Pourveur, heeft al die elementen bekeken en me aangespoord om verder weg te gaan van het letterlijke Faustverhaal. Daardoor zit er nu maar één concrete scène in het stuk waarin je het verhaal van Faust goed herkent. Twee spelers spelen daarin God en De Duivel. Voor de rest is de tekst erg abstract geworden. De tekst is erg modern en abstract, wat een uitdaging is bij improvisaties. Daarbovenop heb ik de tekst in principe geschreven in twee personages, maar we hebben tien spelers. Dus we zijn gaan interpreteren: de spelers hebben dagboeken geschreven voor de personages, om hen te laten verbinden met de tekst.

Samen op zoek naar een duidelijke lijn

De tekst is erg modern en abstract, wat een uitdaging is bij improvisaties. Daarbovenop heb ik de tekst in principe geschreven in twee personages, maar we hebben tien spelers. Dus we zijn gaan interpreteren: de spelers hebben dagboeken geschreven voor de personages, om hen te laten verbinden met de tekst.

Hoe doe je dat dan, een tekst voor twee omzetten naar een groepsproject?Hein: Tijdens het schrijven hebben we beslist het schrijfproces op zichzelf te laten staan; de regie is voor daarna. Ik heb dus niet geschreven naar de spelersgroep, maar ben gewoon vertrokken vanuit de brokstukken die we hadden verzameld. Je schrijft waar het over gaat. Bij ons is de grootste trigger de scène geweest uit Faust waarin Gretchen een kind vermoordt. Daardoor werd het logisch voor ons om een tekst te schrijven voor twee mensen: een koppel dat zich de vraag stelt of ze een kind willen. Dus de tekst op zich is er één die bestaat uit twee stemmen. Sowieso hebben we bij De Figuranten de gewoonte om heel eigenwijze teksten te spelen en te onderzoeken. We vinden handvaten door veel samen te lezen of te improviseren. Soms gaat dat makkelijker dan anders. De tekst op zich geeft weinig houvast; er is bijvoorbeeld geen klassiek conflict. We springen voortdurend tussen verschillende settings en gaan daarop dan nog eens tien spelers zetten. Dus centraal binnen ons proces staat het zoeken naar een duidelijke lijn samen. Die centrale vraag over het kind hebben we dan bijvoorbeeld aangenomen als startpunt. De meeste van onze spelers zijn ook vader of moeder. Daarom was het erg voedend om in het begin te improviseren rond ouderschap: wat gebeurt er als je kind maar niet slaapt en je gewoon gek maakt? Dat maakt leuke dingen los, zoals slaapliedjes, maar ook diepe frustraties. Als je kind zes dagen niet slaapt begin je wel demonen te zien. Dat soort improvisaties verbinden de tekst erg met de individualiteit van de spelers, maar bouwt ook een lijn in de personages en die settings.

Hoe functioneren de spelers in het maakproces?Hein: Er is erg veel trial-and-error. We hebben een tekst die zichzelf niet laat spreken, waarbij de spelers essentieel zijn om ze tot leven te wekken. We zitten ook veel samen aan tafel en zoeken uit hoe hij klinkt, welke intenties er zoal in zitten,… want een mooi afgelijnd conflict is er niet. Dus elke zin die er in de tekst staat is een zoektocht om te spelen. Zo geven we samen dat materiaal voeding. We hebben het bijvoorbeeld eens gespeeld als peuters, punkers,... Acteertechnisch is dat niet evident, dus steken we ook erg veel tijd in acteurstraining. De voorstelling wordt één grote trip, en die moeten we samen maken.

“Een tekst is dood en leeft door de speler”

Hein: Een tekst is dood en leeft alleen als iemand praat. Een zinnetje heeft niet een eenduidige betekenis. Zelfs al heb ik het geschreven, ook ik weet niet hoe het zal moeten klinken. Daarom zijn mijn spelers echt van levensbelang. In een sociaal-artistieke context helpt het om intenties groter te maken in het spel. Ik moet soms heel erg méé zoeken met de spelers naar een manier om tot de juiste intentie te komen. Soms moet ik situaties bijvoorbeeld wat aandikken om de spelers uit hun schelp te krijgen: improviseer je rond dat gillend kind en je speler reageert niet, dan ga je extremer. Je gaat dan bijvoorbeeld zeggen dat dat kind dood is. Je moet steeds op zoek gaan naar een sleutel met en voor de speler. Daarnaast hebben we heel wat aandacht voor de individuele speler en gaan we ook vaak één-op-één afspreken wanneer iemand zijn stem niet volledig vindt. Dat is de uitdaging van de regisseur. Soms is het frustrerend als het daardoor niet meteen in zijn plooi valt, maar de voldoening wanneer dat wel gebeurt is dubbel zo groot.Als we in de flow van de repetitie zitten gebeuren er fantastische dingen. Ik word erg blij als spelers hun eigen interpretatie aan iets geven of als iedereen hun tekst studeert. Dan zit het atelier vol met groepjes spelers die aan het werk gaan en dat vind ik magisch. Je kent sommige spelers langer dan anderen. Zie je veel groei in zo’n proces?Hein: Het is zalig om iemand de speler in zichzelf te zien vinden; dat geeft vaak vleugels. Natuurlijk zie je bij mensen die al langer komen dat ze wat meer vertrouwen hebben, ook op de momenten dat het niet meteen lukt. De verleiding in dit soort werk is er altijd om vooral plezier te voorzien voor de spelers. Dan geef je soms een leuke opdracht die artistiek niet meteen zoveel resultaat geeft. Hoe verder we in het proces zitten, hoe minder daar nood aan is. Op een moeilijk moment ga ik wel terug naar die speelsheid, maar het is super om zoals vandaag aan tafel te kunnen zitten en de tekst uit te diepen.

“De ambitie is om een voorstelling te maken die niemand anders kan maken”

Hein: Door heel diep in een proces te gaan krijg je heel wat van de spelers: ze amuseren zich, ze ontdekken dingen over zichzelf, ze leren praten, ze leren lezen… je kan het ook over moeilijke zaken hebben. Wie groeit als speler, groeit ook als mens. Daarnaast geloof ik oprecht dat deze voorstelling enorm wint aan deze groep. Laat deze tekst door twee professionele acteurs spelen, en je kan ongeveer voorspellen wat er gebeurt. Zet er een sociaal-artistieke groep op, en de mogelijkheden zijn eindeloos. Het parcours van proberen, vallen en opstaan geeft zoveel elementen dat wanneer ze op z’n plek vallen, het eindresultaat héél eigenwijs is. Dat is ook mijn motor om dit te doen. De voorstelling die niemand anders kan maken, dat is onze ambitie.

Hoe beleven de spelers van Beautiful Monster het traject?

"Het is een echte uitlaatklep. Als ik hier binnen stap, is het alleen toneel."

Lees meer